architecten Els Claessens en Tania Vandenbussche

Masterplan: Opmaak van een ruimtelijke visie en strategie voor de toekomst van een aantal (semi)publieke gebouwen en functies Lo-Reninge

2013-2014

medewerkers Peter Hendrickx

De Stad Lo-Reninge wenst na te denken over de toekomst van haar (semi)publiek gebouwenpatrimonium. De aanleiding hiervoor zijn een aantal nieuwe potenties, bestaande knelpunten en programmatorische uitdagingen.
De nieuwe potenties situeren zich bij de gebouwen die recent zijn vrij gekomen (of in de nabije toekomst vrij komen), bijvoorbeeld door het herhuisvesten van de administratie en het bestuur van de gemeente en het OCMW in het nieuwe administratief centrum, en bij de verdere uitwerking van de site Schaerdeke.
Bij de knelpunten zijn er onder meer vragen rond de bouwfysische toestand van een aantal gebouwen, bij de (on)zichtbaarheid van bepaalde gemeentelijke activiteiten, de onderwaardering van centraal gelegen sites en de te krappe huisvesting van een aantal functies.
Verder moet ook programmatorisch nagedacht worden over de huisvesting op langere termijn van diverse vormen van werking en over de dienstverlening die momenteel wordt aangeboden in de verschillende deelgemeenten.
Twee aspecten vormen onmiskenbaar een grote kwaliteit voor het ruimtelijk beeld van de stad Lo-Reninge. Er is de prominente aanwezigheid van het landschap, van de natuur. De 4 deelgemeenten, Lo, Reninge, Pollinkhove en Noordschote concentreren zich elk rond hun kern. Buiten de kernen zijn de openheid en de vergezichten over het polderlandschap immens. De IJzer, één van de beeldbepalende elementen in het landschap, splitst de gemeente fysiek en deels ook sociaal in twee: Lo-Pollinkhove aan de noordkant en Reninge-Noordschote aan de zuidkant.
Naast het landschap is ook het coherente karakter van het gebouwde patrimonium opmerkelijk. Een overvloed aan zandgele baksteen verenigt verschillende stijlen en tijden. Recente architectuur, zoals het nieuwe stadhuis ontworpen door noAarchitecten, benadrukt de samenhang.
Het patrimonium dat is opgegeven is divers: een voormalige hoeve, een schoolgebouw, het vroegere stadhuis,.... Bij een aantal gebouwen is de oorspronkelijke functie duidelijk afleesbaar in de architectuur. Het is dus belangrijk om de beeldbepalende en historisch waardevolle aspecten van elk van de gebouwen te onderlijnen.
Het opgegeven programma is gevarieerd maar situeert zich voor een groot deel rond activiteiten voor kinderen en jongeren. Bij het oplijsten van de verschillende activiteiten en het in kaart brengen van de momenten waarop deze activiteiten doorgaan, blijkt een zeer geringe bezetting in de tijd. De vraag stelt zich of het patrimonium efficiënter kan benut worden door activiteiten die op verschillende tijdstippen plaats vinden lokalen te laten delen.
Elke site wordt geanalyseerd naar zijn waarde, zijn bouwtechnische toestand, zijn potenties. Mogelijke ontwikkelingen en invullingen worden voorgesteld.