architecten Els Claessens en Tania Vandenbussche

Sanatorium Lemaire Tombeek (1934-1937, arch. Maxime Brunfaut)

2001

inventarisatie en bho Pauline van Dijk, Els Claessens, Jean-Marc Basyn
kleuronderzoek Mariel Polman
opdrachtgever Regie der gebouwen, Directie Vlaams Brabant

Het sanatorium Lemaire werd in 1936 ontworpen door de architecten Fernand en Maxime Brunfaut.
De architectuur, de ruimtelijke organisatie en de afwerking van het gebouw sluit geheel aan bij de op
dat moment geldende normen en eisen voor de verzorging van tbc patiënten. Het sanatorium Lemaire
neemt vanzelfsprekend zijn plaats op in de internationale ontwikkeling van de Moderne Architectuur in
de jaren dertig, in het spoor van Alvar Aalto's sanatorium in Paimio (1933) en van Santorium
Zonnestraal van Jan Duiker en Bernard Bijvoet in Hilversum (1935). Het gebouw is sinds 1993
geklasseerd als monument.
Jonge monumenten, zoals het sanatorium Lemaire, hebben door de achterliggende ontwerpopvattingen
en de toegepaste bouwtechnieken veelal een heel eigen restauratie- en conservatieproblematiek.
In de eerste plaats was de beoogde functie van het gebouw hét uitgangspunt voor het
ontwerp. Bij het verdwijnen van de functie blijkt het vaak moeilijk een geschikte nieuwe bestemming
voor deze gebouwen te vinden, waardoor ze vaak leeg komen te staan. Andere, voor die tijd geheel
nieuwe bouwtechnieken (betonskelet, platte daken, geveltegels, stalen ramen, ...) vragen een geheel
andere restauratieaanpak dan traditionele architectuur.
Met het oog op de restauratie en de herbestemming van het gebouw, kregen we van de Regie der
Gebouwen de opdracht een bouwhistorisch onderzoek uit te voeren. Het onderzoek maakt aan de
hand van archiefmateriaal en inventarisatie in situ een bouwhistorische evaluatie. Daarbij hebben we
aandacht besteed aan het oorspronkelijk ontwerp, de structuur, de toegepaste bouwmaterialen en
afwerkingsmethoden. Aan de hand van deze evaluatie stellen we de randvoorwaarden waarbinnen
een restauratie en herbestemming zou kunnen plaatsvinden.